In natuurgebied Wyldemerk wordt op zondag 26 april een vlinderexcursie georganiseerd onder leiding van vlinderexpert Adriaan Hol. Tijdens de excursie maken deelnemers kennis met de rijke vlinderstand in het gebied en leren zij meer over het belang van biodiversiteit en natuurbeheer.
Volgens Hol is Wyldemerk een bijzonder gebied voor vlinders. “In het hele gebied komen meer dan 900 soorten voor, waarvan ongeveer veertig dagvlinders zoals oranjetipjes, witjes en atalanta’s,” vertelt hij.
Waarom het hier wél goed gaat
Hoewel het landelijk gezien niet goed gaat met vlinders, vormt Wyldemerk daarop een positieve uitzondering. “Algeheel gaat de vlinderstand een beetje achteruit,” legt Hol uit. Dit heeft onder andere te maken met de klimaatverandering.

“Maar als je dit gebied ziet, waar bijna 40 procent van de Nederlandse soorten voorkomt, dan gaat het hier eigenlijk helemaal niet zo slecht.”
Dat succes is volgens hem te danken aan gericht natuurbeheer en samenwerking. “Dat komt mede door de inspanningen van vrijwilligers en het beleid van Staatsbosbeheer. Er wordt gekeken naar hoe je ecologische verbindingen in het landschap kunt versterken,” aldus Hol.

Hol is ook onderdeel van de vlinder werkgroep welke dit jaar al 35 jaar bestaat. Deze zomer zal er in het natuurgebied dan ook een jubileumbijeenkomst georganiseerd worden.
Wandeling van twee uur
De excursie zondag begint bij het parkeerterrein van het gebied, waar Hol een korte introductie geeft. Daarna trekken deelnemers het veld in om op zoek te gaan naar vlinders. “Ik hoop op mooi weer. Dan gaan we gewoon twee leuke uren beleven. Neem vooral een camera of verrekijker mee, en een goed humeur,” zegt hij.

Tijdens de wandeling krijgen deelnemers ook praktische tips. Zo is rust belangrijk bij het observeren van vlinders. “Beweeg rustig door het gebied en neem de tijd. Dan heb je de meeste kans om ze van dichtbij te zien,” legt Hol uit.
Het eerste oranjetipje
Naast de excursie benadrukt Hol ook wat mensen zelf kunnen doen om vlinders te helpen. “Veel tuinen zijn nu vooral gericht op gemak, met veel stenen of hotelletjes waar vlinders alleen op bezoek komen. Maar eigenlijk zou je van je tuin een soort heemtuin moeten maken, met inheemse planten. Dan kunnen vlinders zich daar ook voortplanten,” zegt hij.

Voor Hol zit de charme van de vlinders vooral in de variatie en het moment. “In het voorjaar word je blij van het eerste oranjetipje, en in het najaar van bijvoorbeeld de kleine vuurvlinder. Dat maakt het zo mooi: elk moment heeft zijn eigen verwondering.”


